donderdag 16 april 2015

Geïntegreerde sanitatie voor allen: eindconclusies

Deze morgen volgde ik de slotzitting waarin de 5 werkgroepen van dit thema hun bevindingen presenteerden. (deze morgen gingen heel wat slotzittingen van thematische werkgroepen door, maar je moet nu eenmaal er één uitkiezen)

Hierbij kijkt men duidelijk verder dan het toilet of latrine: de gehele sanitatieketen wordt bekeken voor zowel landelijk als stedelijk gebied. Er moeten duurzame totaaloplossingen komen voor 2 ketens  die even belangrijk zijn. De ene keten is die latrines met sterfput of septische tanks die op geregelde tijdstippen geledigd moeten worden en de fecaliën moeten veilig getransporteerd en verwerkt worden. De andere keten is het doorgespoeld toilet (WC zoals wij kennen) waarvan het afvalwater moet gecollecteerd en gezuiverd worden.  De uitdagingen zijn gigantisch: wereldwijd wordt 90% van het afvalwater ongezuiverd geloosd.

Echter, gelukkig maar, bekijkt men “used water” ook meer en meer als “useful water”; m.a.w. afvalwater is niet een vervelende afvalstroom die men kwijt moet, maar een rijke bron aan grondstoffen.  Afvalwater bevat enorm veel nutriënten die in de toekomst moeten gerecupereerd worden (i.p.v. ze af te breken, hetgeen nu de gangbare praktijk is) en het water zelf dient gerecycleerd en hergebruikt.  Het denken in functie van de circulaire economie heeft hier duidelijk zijn plaats gevonden.

Toch staan we hier nog veel enorme uitdagingen.  Wat is de aanvaarding van zo’n denken bij de bevolking?  Bent u bereid van groenten te eten die geïrrigeerd zijn met afvalwater?  Of drinkwater te drinken dat uit afvalwater is geproduceerd? De kennis en capaciteit liggen nog zeer laag.  Er zijn hoge financiële noden die onvoldoende ingevuld zijn.  De rollen en verantwoordelijkheden zijn niet duidelijk.  Er is een onaangepaste wetgeving.

Verder moet de watersector bruggen kunnen leggen met andere functies.  Wil je bvb aan geïntegreerde sanitatie werken, dan moet er veel meer samengewerkt worden met stadsplanners en (beleids)mensen bezig met ruimtelijke ordening.  Eén van de teamleiders gaf ootmoedig toe dat ze er niet geslaagd waren een stadsplanner in hun werkgroep op te nemen, hetgeen eigenlijk een noodzaak is. Nog een voorbeeld dat de watersector de neiging heeft om te veel in hun eigen silo te denken en te werken.
Maar ook intern in dit forum is er teveel silowerking. 
Binnen het wetenschap & techniek proces waren er ook werkgroepen rond hetzelfde thema “ Herwinnen van grondstoffen uit water- en afvalwatersystemen”.  Eergisteren lanceerde in één van deze sessies prof. Willy Verstraeten van UGent een revolutionaire idee.  De zeer nuttige en in grote hoeveelheden aanwezige stikstof in het afvalwater kan via een relatief eenvoudig proces grondstof zijn van eencellige eiwitproductie (wat de druk die bvb de soyaproductie op het milieu en grondgebruik legt zou reduceren).  Maar ook hier botsen we op de aanvaardbaarheid. Bent u bereid eiwitten te eten afkomstig van afvalwater? De industrie en de wetenschap schuiven de taak tot bewust maken en educatie graag door naar de ngo’s.

Mijn punt was: waarom werden de eindconclusies van de thematische werkgroep “geïntegreerde sanitatie voor allen” niet samen gebracht met deze van de wetenschappelijke werkgroep?  Dan zou dialoog en interactie ontstaan.
Wat in deze werkgroep enorm opviel was de zeer geringe aanwezigheid van deelnemers uit ontwikkelingslanden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten